Van krantenjongen tot miljonair

Recent onderzoek legt een verband tussen de gebrekkige spaarzin in Amerika en een pregnant kenmerk van de Amerikaanse cultuur: het betonnen geloof in de American Dream.

'Help, Amerikanen sparen weer,' kopte een dagblad enige tijd geleden. Amerikanen, aldus het bijbehorende artikel, zetten nu beduidend meer geld weg op spaarrekeningen dan voor de kredietcrisis. Op korte termijn, zo lezen we, pakt dit nadelig uit. Elke dollar die gespaard wordt, kan niet worden uitgegeven. Hierdoor zal de recessie langer duren.

Arme Amerikanen! Het is ook niet goed of het deugt niet. Doen ze eindelijk iets aan hun belabberde financiële levenswijze, krijgen ze nog op hun kop. 'Knip die creditcards toch aan stukken! Leef toch wat minder op de pof! Spaar!' Hoe vaak is het de Amerikanen niet voorgehouden? We zouden die gedragsverandering eigenlijk warm moeten onthalen.

Die slecht sparende Amerikanen van voor de kredietcrisis stellen de wetenschap voor een raadsel. Pogingen van Amerikaanse economen om het fenomeen te verklaren zijn tot dusver gestrand. In hun kringen bestaat de neiging de handdoek in de ring te gooien. Bijna wanhopig klinkt uit deze hoek de verzuchting dat we hier te maken hebben met een 'onoplosbare spaarpuzzel'.

Maar er gloort hoop. Eén econoom wil namelijk niet van opgeven weten. Ik doel op Jon D. Wisman, hoogleraar aan de American University in Washington. Volgens Wisman is het voor een goed begrip van de Amerikaanse spaarstoornis nodig de factor 'cultuur' in de analyse te betrekken. Gezien mijn functie bij het Geldmuseum is het logisch dat ik hiernaar wel oren heb.

Wisman brengt de gebrekkige spaarzin in verband met een pregnant kenmerk van de Amerikaanse cultuur: Het onwankelbare geloof in de American Dream. Naar hun eigen rotsvaste overtuiging maakt Amerika het Amerikanen mogelijk flink op de sociale ladder te stijgen.

Amerikanen, zo betoogt Wisman, denken als volgt: prestige en status liggen binnen ieders bereik en zijn voor ieders eigen rekening; iemands status is maatgevend voor iemands achtenswaardigheid. Dit betekent, aldus Wisman, dat er op 'statusdemonstratie' een beloning staat. Hierdoor voelt de 'gewone' man of vrouw zich onwillekeurig gedwongen consumptie na te streven op het niveau van maatschappelijk hogergeplaatsten, wat ten koste gaat van de spaarzin.

Het geloof in de American Dream is er volgens Wisman bij de Amerikanen niet uit te branden. Een prangende vraag is dan ook of de nog maar net ontloken spaarzin waarmee ik dit stukje begon, zich weet te handhaven. Ik durf er vergif op in te nemen dat men aan de overkant van de oceaan weer in zijn oude financiële fouten vervalt, zodra de economische kou van de lucht is.

 

auteur: Gerard Borst, Geldmuseum

bron:http://www.telegraaf.nl/overgeld/experts/gerardborst/5857260/__Van_krantenjongen_tot_miljonair__.html?p=14,1