Zuid-Afrikaanse zeepbel

Verhalen met een Zuid-Afrikaanse tintje, deze WK-tijd vraagt erom.

Wat is het hoogtepunt van het WK tot nog toe? Het verlies van Spanje? De versierde penalty van Suarez? De jurkjesstunt van die biergigant? Zoals de Bijbel zegt: Deze drie maar de meeste van deze is de jurkjesstunt. Dit vastgesteld zijnde, zeg ik u meteen maar dat ik het daarover niet ga hebben. Dit wordt namelijk een geldhistorisch stukje.

Ik ga een eeuw terug in de tijd en neem u mee naar 1907, het jaar waarin heel Nederland wel aangestoken leek door de speculatiekoorts. In de hoop op grove verdiensten, waagden zeer velen een gokje op de Amsterdamse effectenbeurs. Niet alleen mensen uit de financiële elite lieten zich door beurszaken het hoofd op hol brengen, het ging vooral ook om lieden uit de eenvoudige burgerstand, winkeliers, kantoorbedienden, kleine renteniertjes. Vaak pakte het glad verkeerd uit; 1907 was een inktzwart beursjaar, miljoenen gingen aan het Damrak verloren, het aantal bankroetiers was op het laatst niet meer te tellen.

Aanvankelijk waren Amerikaanse fondsen zeer gewild. Maar met de 'Amerikanen', zoals ze kortweg werden genoemd, ging het een paar keer grondig mis. En toen werden 'Zuid-Afrikanen' razend populair, met name de zogeheten 'Kimberleys'.

Kimberleys waren aandelen in de Transvaalse 'Kimberley West Diamond Mining Company'. Over de degelijkheid van een investering in deze diamantmijnonderneming viel niets verstandigs te zeggen. Geen diamant was nog aan de oppervlakte gekomen. Beleggers gingen af op het prospectus, dat de mijn in een superaantrekkelijk daglicht plaatste.

De Kimberleys waren aan de markt gebracht door de Transvaalsche Bank. De burgemeester van Amsterdam was commissaris van deze instelling. Een vertrouwenwekkend gegeven: 'Die burgemeester', zo hield menigeen zichzelf voor de gek, 'zou toch niet in zo'n bank zitten, als die verkeerde zaken aanbracht.' Een veel gehoord argument pro-Kimberleys was verder dat men in Transvaal vroom was.

Dat fonds móest wel deugen. Maar de beleggers kwamen bedrogen uit. In Transvaal was de Company bezig de diamantmijn te graven. Materiaalpech was daarbij aan de orde van de dag. Enorme verliezen waren het gevolg. September 1907 zagen de hoogste Kimberley-bazen zich genoodzaakt de 'exploitatie' van de mijn voorlopig te staken.

Toen het droeve nieuws Amsterdam bereikte, spatte de Zuid-Afrikaanse zeepbel uiteen. Op de 17e van die septembermaand probeerde iedereen uit alle macht de naar junk-niveau weggezakte Kimberleys te dumpen.

Het september-debacle van de Kimberleys komt aan bod in de ongemeen boeiende roman De Doodsklok van het Damrak, geschreven door Willem Anthony Paap, een nu vergeten maar destijds beroemd letterkundige. Een van de helden in deze roman gaat aan de Kimberleys te gronde. Krankzinnig geworden, beneemt hij zich het leven met een revolverschot, nadat eerst zijn in het ongeluk gestorte vrouw en dochters van hem de kogel hebben gekregen. Van harte ter lezing aanbevolen!

Ziezo, klaar, en nu eerst een... vult u zelf maar aan.

 

Bron: http://www.telegraaf.nl/overgeld/experts/gerardborst/6983890/__Zuid-Afri...

Auteur: Gerard Borst